Huizenverkoper krijgt 12 procent minder dan vraagprijs 

Eigenaren van koopwoningen moeten bij verkoop hun vraagprijs steeds verder laten zakken om van hun huis
af te komen. 
Gemiddeld kregen verkopers in 2012 88 procent van de oorspronkelijke vraagprijs. Vlak voor
de crisis, in 2007, was dit nog 
95 procent. Dit blijkt uit een vergelijking van het technologiebedrijf Calcasa,
dat een woningprijsindex bijhoudt. 
De onderzoekers van Calcasa signaleren een toenemend verschil in 
vraagprijs en daadwerkelijke verkoopprijs. In 2007 was het verschil 5 procentpunten, in 2012 al
12 procentpunten. Hieruit blijkt dat men 
genoegen moet nemen met een fors lagere verkoopprijs.

Stel dat iemand 300.000 euro vraagt voor zijn woning, dan levert dat dus een verkoopprijs op van
264.000 euro. 
Volgens Calcasa leveren vooral vrijstaande woningen veel minder op dan de vraagprijs.
Huiseigenaren krijgen slechts 83 procent van wat ze 
vragen. Op appartementen en rijtjeswoningen moeten
verkopers minder 
zakken in prijs. Verschillen tussen vraagprijs en verkoopprijs nemen toe als het huis langer
te koop staat. Verkoopt iemand binnen zes maanden, 
dan gebeurt dit voor 94 procent van de vraagprijs.
Duurt de verkoop 
meer dan twee jaar, dan ontvangt men 79 procent. Bij vrijstaande woningen is dit zelfs
77 procent. 
Het aanbod aan koopwoningen is de afgelopen vijf jaar bijna verdubbeld: er staan nu 270.000
huizen te koop. Gemiddeld wordt een huis na bijna 
20 maanden verkocht. Sinds medio 2009 staan er meer
woningen te 
koop dan er worden verkocht. Calcasa verwacht dat de huizenprijzen in het tweede kwartaal
5,6% zullen uitkomen dan in dezelfde periode vorig 
jaar.

 Sinds 2008 is de gemiddelde prijs van een woning met 14% gedaald; in het eerste kwartaal van 2013 lagen
de huizenprijzen 7,9% lager dan een 
jaar eerder. Met gemiddeld € 226.000 is de verkoopprijs van huizen 
gedaald tot het niveau van eind 2004. De betaalbaarheid van koophuizen is sinds 2008, toen de huizenprijs
zijn top 
bereikte, sterk verbeterd. In het eerste kwartaal werd gemiddeld 20,7% van het netto-inkomen
uitgegeven aan woonlasten. Eind 2008 was dat 
nog 37,3%.

Datum : 16-05-2013